‘Mijn papa is… stom’

6 Nov

Z’n vader was jarig. De laatste ervaringen die ik met hem heb gehad waren niet echt positief te noemen, dus ik besloot niet bij mij thuis af te spreken, maar in het winkelcentrum. Daar zit een leuk bakkerswinkeltje. Kunnen we eerst een lekker taartje uitzoeken. Daar hebben ze ook taartjes voor mij met m’n tarwe- en melkallergie.
Hij belt me om te zeggen dat hij er al is, ik ben nog onderweg. Hij klinkt niet echt lekker, maar ik hoor ook de geluiden van het busstation achter hem en daar moet hij overheen schreeuwen. Als we een parkeerplekje zoeken, zie ik hem al staan. Z’n gezicht staat op onweer. Mijn zoon rent de auto uit: ‘Papaaaaaaaaaaa!’ En ik zie zijn gezicht opklaren, gelukkig. We lopen richting de bakker, maar hij is alleen maar met andere mensen bezig. Dingen die ik denk als ik mensen zie stuntelen met hun fietsslot of boodschappentassen, hij zegt ze gewoon, spreekt mensen aan, maakt grapjes over ze midden in hun gezicht. Hij ziet niet dat die mensen niet goed reageren en gaat gewoon verder. Ik herken dit gedrag al als vrolijke dronkenmanschap die elk moment om kan slaan in een agressieve dronkenmanschap. Als hij even niemand heeft om te pesten richt hij zijn pijlen op mij. Hij denkt dat ik niks hoor, maar ik hoor alles, ‘vieze wijf’, ‘vieze hoer’. Tijd om op te stappen dus. Hoe ga ik dat nou weer doen zonder dat het uit de hand loopt. Als hij weer eens alle tijd neemt om iemand uit te leggen dat hij ‘m erg doet denken aan kabouter Plop, lopen mijn zoon en ik door. Als we om de hoek zijn stel ik een hardloopwedstrijd voor: wie het eerst bij de winkel is. We zetten het op een rennen. Het overdekte winkelcentrum in. Een paar bochten maken en dan kom ik weer bij de auto uit. We stappen in en rijden weg. ‘Waar is papa nou?’, vraagt hij. ‘Het gaat niet zo goed met papa’, zeg ik.  ‘Jammer hè, maar ik denk dat papa maar even alleen moet zijn.’ Dat vind hij zeker jammer. Geen taart gegeten en geen cadeautje gegeven. ‘Stomme papa.’

Drie weken later. Hij had als cadeau een hele mooie ballon voor papa gekocht. Een heliumballon, een roze. Daar was nu natuurlijk helemaal niks meer van over. We hebben in de speeltuin afgesproken. Papa heeft taart meegenomen. Lekkere tompouces. Openbare plek, waar je eindeloos veel plezier kan hebben met je kind, wat wil je als vader nog meer? Nou…what was I thinking.
Waar is zijn cadeau? Een ballon, wat moet hij daar nou weer mee. Hij is geen kleuter hoor! En zo blijft hij ruziën. Bij de schommel, de kabelbaan. Geen helpende hand, alleen een grote mond. Hij houdt het een half uur vol en dan is hij er klaar mee. Mooi is dat, zit hij een uur in de bus, is er helemaal geen cadeau voor hem. Hij kust zijn kind gedag en gaat weer weg. ‘Mam’, zegt mijn zoon, ‘vandaag was papa wel lief toch? Hij heeft niet geschreeuwd.’

Ik heb hier geen zin meer in. Zo ga je toch niet met je kind om? Als hij zo graag z’n kind wil zien, dan regelt hij maar met z’n advocaat dat dat onder toezicht kan. Ik ben er klaar mee om iedere keer m’n vrije tijd op te geven voor een zatlap die alleen maar op eigen gewin uit is. Maar erger nog, z’n eigen zoon wil hem niet meer zien en ook niet meer aan de telefoon. Arme lieve kind van me.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: